Momos (een soort ravioli’s uit Tibet)
Voor 12-18 stuks
Voor het deeg:
3 koppen bloem (1 kop=2,4 dl)
2,4 dl water
Voor de vleesvulling:
500 g mager rundvlees (américain)
1 fijngesneden ui
250 g daikon, spinazie of kool – fijngesneden
1 fijngesneden teentje knoflook
2 fijngesneden lente-uitjes
2 eetlepels verse, fijngesneden koriander
zout naar smaak
Meng bloem en water, kneed het tot en soepel deeg en vorm er een bal van. Laat 30 minuten bedekt met een vochtige theedoek rijzen.
Breng een grote pan water aan de kook.
Snijd het deeg in 12 tot 18 stukken en rol die uit in kleine, platte cirkels. Vermeng alle ingrediënten voor de vullen, plaats er een lepeltje van in ieder cirkeltje, maak er dan een pakketje van en zorg dat ze goed dicht zijn. Plaats de momo’s in een stoommachine en stoom ze gedurende 30 minuten.
Serveer met een milde tomatensaus, “Tsal”, gemaakt van fijngehakte tomaten, verse koriander, lente-ui, look en sojasaus.
Een alternatieve vulling bestaat uit gemalen kip, ui, daikon, verse gember, look en koriander.
Een vegetarische vulling bestaat uit fijngesneden kool, bok choy, tofu, lente-ui, gember en look.
8 juli 2009
Printen
Hoofdgerecht · Pasta & Noedels · Tibet |
Daikon, Rundvlees


0 reacties
Wees de eerste en vul onderstaand formulier in.
Lever commentaar